Schuttersveld Fabrieksmuur

Locatie Tubantiasingel
Opdrachtgever Van Heek-Schuttersveld

Aan de westelijke zijde van de binnenstad bevindt zich langs de Tubantiasingel een restant van de voormalige Schuttersveld textielfabriek. Een meer dan driehonderd meter lange muur herinnert hier nog aan de hoogtijdagen van de textielindustrie, die tussen 1830 en 1930 floreerde.

In 1832 werd door de Belgische entrepreneur Charles Louis De Maere een groot stuk grond aangekocht bij Enschede, waar hij zijn eerste weverij en de villa Schuttersveld liet bouwen. Nadat de fabriek bij een brand werd verwoest, werd op het terrein een grote nieuwe fabriek gebouwd, in beheer van de familie Van Heek-Schuttersveld. De fabriek werd geïnspireerd op de moderne Engelse “powerlooms” en omvatte een aaneenschakeling van laagbouw hallen voorzien van de karakteristieke sheddaken. Hierin bevonden zich een ruwerij en scheerderij, garensterkerij en garenspoelerij, grof- en fijnspinnerij, een ververij en tientallen reeksen met weefgetouwen. Centraal op het gigantische complex bevonden zich de pakhuizen, machinekamers en kantoren. De karakteristieke shedhallen werden aan de westzijde van het complex omsloten door de lange fabrieksmuur, opgetrokken in rode baksteen boven een grijze plint en voorzien van muurankers en schoonmetselwerk. Op verschillende plekken in de muur bevinden zich eenvoudige deuren, waarvan sommige onder gemetselde bogen.

Doordat in de jaren ’60 de concurrentie in het buitenland sterk toenam, werd de fabriek gefuseerd met Jannink en Van Dam textiel. Desondanks moest Schuttersveld in 1982 haar deuren sluiten, waarna vrijwel het hele complex werd gesloopt, met uitzondering van de lange fabrieksmuur en een enkel gebouw. In de loop der tijd was de muur volledig begroeid geraakt met klimplanten. Na een grondige renovatie verkeert deze in goede staat en dient als de façade van het achterliggende bedrijventerrein. Aan de oostzijde zijn grote doosvormige panden tegen de muur geplaatst van één bouwlaag, waarin uiteenlopende bedrijven op het gebied van meubelen een onderkomen hebben gevonden. De weinig bijzondere vormgeving van deze gebouwen wordt vanaf de singel verbloemd door de aanwezigheid van de meer dan honderd jaar oude muur.