Kerk Leger des Heils

Locatie Achter ’t Hofje 23
Architect E.A. Van de Lijke en J. Mink
Architectenbureau Architecten-bureau Van de Lijke & Mink (Enschede)
Bekend van De Wachters, De Elshof, Wooncomplex Laaresch
Bouwstijl 1939-1940
Opdrachtgever Stichting Leger des Heils Amsterdam

Achter ’t Hofje is een stille zijstraat van de Raadhuisstraat in het centrum van Enschede. Verscholen tussen verschillende achtergevels staat hier een sober kerkgebouw dat door krakers wordt bewoond. Jarenlang was deze kerk het levendige centrum van de christelijke gemeenschap in Enschede, als thuisbasis van het Leger des Heils. De kerk werd in 1940 verbouwd naar plannen van de Enschedese architecten Van de Lijke en Mink.

Het Leger des Heils is een internationale beweging die behoort tot de universele christelijke kerk. De missie van “het leger” is het verlenen van onvoorwaardelijke steun aan mensen in nood. De organisatie werd in 1865 opgericht als “The Christian Mission” door de Engelsman William Booth (1829), waarna de naam in 1878 werd veranderd in het bekende “The Salvation Army”. In 1887 werd een Nederlands offensief gestart. Drie jaar later, op 28 mei 1890, vestigde de organisatie zich in Enschede. De eerste zaal van het Leger des Heils lag aan de Walstraat in het centrum van de stad. Door de grote belangstelling ontstond er al snel behoefte aan een grotere zaal en in 1900 werd een kerkzaal overgenomen aan Achter het Hofje. Eind jaren ’30 ontstonden er plannen voor de bouw van een nieuwe zaal met woning. Om dit te realiseren werd een comité aangesteld waarin enkele voorname burgers plaatsnamen, waaronder burgemeester Ruckert en de heer Blijdenstein. Met steun van de gemeente en verschillende textielfabrikanten werd de financiering tot stand gebracht en in 1939 werden de architecten Van de Lijke en Mink aangesteld voor het ontwerpen van een nieuw kerkgebouw, dat op 13 maart 1940 werd geopend.

Het project betrof de verbouw van de bestaande kerkzaal, waarbij gebruik is gemaakt van de oude fundamenten. Het verhaal gaat dat de nieuwe gevels rond de bestaande zijn opgetrokken, waarna de oude gevels zijn afgebroken. Het gebouw bestaat uit een rechthoekige kerkzaal van twee bouwlagen, met tegen de achtergevel een kleine zaal. Rechts van de kerk bevindt zich een bijzaal met bovenwoning van twee bouwlagen. De voorgevel is opgetrokken in gele baksteen boven een bruine bakstenen plint. De lange zijgevel en achtergevels zijn gepleisterd. De entree van de kerk bevindt zich in een teruggeplaatst portaal onder een grote gemetselde rondboog, voorzien van een natuurstenen trap en gietijzeren hek. Aan weerszijden van de entree bevinden zich twee kleine ronde vensters en ter hoogte van de eerste verdieping zijn zeven drieruitsvensters met natuurstenen dorpels geplaatst. De voorgevel van de bijzaal met bovenwoning heeft twee deuren. De linker is geplaatst in een portaal en geeft toegang geeft tot de bijzaal, de rechterdeur is voorzien van een bovenlicht met glas-in-lood raam en geeft toegang tot de bovenwoning. Het centraal geplaatste venster heeft eveneens bovenlichten met glas-in-lood ramen. Ter hoogte van de eerste en tweede verdieping zijn twee vierkante vensters geplaatst. De eerste verdieping van de bovenwoning biedt aan de voorzijde plaats aan een keuken en voorkamer en aan de achterzijde een woonkamer met balkon. Op de tweede verdieping bevinden zich drie slaapkamers.

Kort na de opening van de kerk brak de Tweede Wereldoorlog uit en was het Leger des Heils enige tijd verboden. Aan het einde van de oorlog overleefde het gebouw een bombardement door heldhaftig optreden van de toenmalige korpsofficier, die de naar binnen geworpen brandbommen op tijd naar buiten wist te gooien. In 1962 werd rechts van het kerkgebouw een jeugdgebouw aangebouwd. Dit is een verdiepingloos rechthoekig volume onder plat dak, opgetrokken in baksteen en hout. Na jarenlang dienst te hebben gedaan als korpsgebouw werd het pand begin jaren ‘90 door het leger ingeruild voor een multifunctioneel gebouw aan de Zenderenbrink.